De huismus is een van de meest bekende vogels ter wereld. Zijn naam wordt meestal afgekort tot mus. In Nederland komt nog een andere mussensoort voor: de ringmus, waarbij (anders dan de huismus) de mannetjes en vrouwtjes er hetzelfde uitzien. Het mannetje heeft een grijze kruin en een zwarte bef, terwijl het vrouwtje een gestreepte rug heeft met een effen lichte borst. Beide seksen hebben een oogstreepje.
Leefgebied
Van oorsprong komt de huismus uit Azië, de verspreiding is voor een deel op een natuurlijke wijze verlopen, voor een deel is de huismus door de mens verspreid en geldt als een cultuurvolger.
Voedsel
De weinig schuwe vogels houden zich graag op bij mensen omdat ze daar gemakkelijk wat etensresten kunnen meepikken. De laatste tijd is hun aantal in veel steden en dorpen achteruitgegaan, waarschijnlijk doordat er minder broedgelegenheid is bij de huidige huizen. Maar ook omdat mensen minder snel broodkruimels strooien en door concurrentie met andere vogels die zich aan het stadsleven hebben aangepast.
Voortplanting
Een mussenpaar bouwt gezamenlijk een nest, waarin het vrouwtje vier tot zeven eieren legt. Na ongeveer 12 dagen broeden komen de eieren uit. Als de kuikens uit het ei komen, zijn ze nog naakt (zie foto) en wegen niet meer dan 3 gram. Zodra er iemand in de buurt komt, sperren ze de nog relatief grote bek wijd open in de hoop op voedsel. Gedurende deze eerste dagen worden de kuikens door beide ouders met klein dierlijk voedsel gevoed, maar al snel wordt het dieet gevarieerder en plantaardiger. Na ongeveer twee weken vliegen de jongen uit. Ze blijven hierna nog enige tijd afhankelijk van de zorg van de ouders en worden nog regelmatig gevoed.
Paspoort
Naam: Huismus
Wetenschappelijke naam: Passer domesticus
Lengte: 15 cm
Gewicht: max 30 gram
Voedsel: zaden, vruchten en andere plantenonderdelen