Zowel de Engelse als de Wetenschappelijke naam van dit dier betekent 'eetbare kikker'. Zijn dijen (de 'kikkerbillen') worden dan ook in sommige delen van Europa als lekkernij genuttigd. Deze kikker leeft grotendeels in het water. Groene kikkers leven in groepen en zijn overdag actief. Er zijn drie soorten groene kikkers: de kleine groene kikker, demiddelste groene kikker en de grote groene kikker.
Leefgebied
De groene kikker komt voor op het vaste land van Europa en Noordelijk Azië. Je kunt ze de hele zomer aantreffen in de buurt van schoon water. Ze stellen geen specifieke eisen aan hun biotoop. Wel moeten ze kunnen zonnen. Het liefst bij een vijver in de schaduw.
Voedsel
De groene kikker jaagt op insecten. Hij zit doodstil in hinderlaag, in het water of op het land. De groene kikker kan uitstekend zien en zijn ogen steken boven het water uit. Ziet een groene kikker een prooi, dan schiet zijn kleeftong (die wel 30 cm kan worden)bliksemsnel uit; die mist zelden zijn doel.
Voortplanting
Als het voorjaar is zoeken de mannetjeskikkers een vrouwtje. De bruine kikker doet dat in maart en de groene kikker in mei. De bruine maken hierbij een knorrend geluid en de groene gaan heel hard kwaken. De vrouwtjes van de bruine kikkers leggen hun eitjes in maart. En de vrouwtjes van de groene doen dat in mei. Soms zijn het er wel 3000. Zoveel eitjes bij elkaar noemen we kikkerdril. Dan komen de eitjes uit. Het zijn nu kikkervisjes geworden. Ze hebben in tegenstelling tot hun ouders geen poten, maar wel een platte staart waar ze heel goed mee kunnen zwemmen. De kikkervisjes eten wieren of algen. Dat is een heel klein draderig plantje. Onder de staart van het kikkervisje gaan nu de achterpootjes groeien. Een poosje later gaan ook de voorpootjes groeien. Als het kikkervisje goed gegroeid is lijkt het pas op een kikkertje.
Paspoort
Naam: Groene kikker
Wetenschappelijke naam: Rana esculenta
Lengte: tot 12 cm
Voedsel: vooral insecten
Verspreiding: vaste land van Europa en Noordelijk Azië