De rode wouw is ongeveer zo groot als een buizerd. De staart van deze roofvogel is lang en diep gevorkt en onderaan elke vleugel zit een grote witte vlek, wat hem tijdens de vlucht onmiskenbaar maakt. Het vrouwtje is een slag groter dan het mannetje. De meeste trekken in oktober naar het Middellandse Zeegebied. Daar hebben ze vaste, gezamelijke slaapplaatsen, waar ze in de avonsschemering hun melodieuze trillers laten horen.
Leefgebied
De rode wouw komt als broedvogel voor in grote delen van centraal en zuid Europa. Vooral in Duitsland en Frankrijk komen grote populaties voor. Duitsland herbergt 30% van de totale broedpopulatie in Europa. Daarnaast kan de rode wouw broedend worden aangetroffen in Spanje, Portugal, Italië, Zwitserland, Oostenrijk, Polen, de Baltische staten, west Rusland, Hongarije, Slowakije, Tsjechië, Roemenië, Bulgarije, de Kaukasus, Wit-Rusland, de landen van voormalig Joegoslavië en Noord-Afrika. In Scandinavië is de soort beperkt tot zuid Zweden en het eiland Gotland. In Groot-Britannië en Ierland ontbreekt de soort, met uitzondering van een geïsoleerde populatie in het zuiden van Wales. In Nederland en België is de rode wouw een onregelmatige broedvogel.
De rode wouw overwintert voornamelijk in zuid Europa en noord Afrika, deels ook elders in Afrika. Rode wouwen komen het gehele jaar door in Spanje, Portugal, Italië en de Balkan. In de winter komen ze ook in Griekenland voor.
In Nederland is de rode wouw vooral een regelmatige doortrekker in klein aantal in voor- en najaar. De soort is echter ook een onregelmatige broedvogel. Tussen 1973 en 1977 werden 2 zekere en 6 waarschijnlijke broedgevallen vastgesteld, tussen 1998 en 2000 slechts 1 zeker broedgeval.
Voedsel
Het voedsel van de rode wouw bestaat vooral uit aas; daarnaast worden prooien tot de grootte van een konijn gevangen. Zoals: aas, kleine zoogdieren, vogels, vissen.
Voortplanting
Het favoriete broedgebied van de rode wouw bestaat uit licht golvende cultuurlandschappen met een afwisseling van graslanden, akkers en bosjes. Ze bouwen meestal boven in een boom een nest van ongeveer een meter in doorsnede. De vogels zijn in de broedtijd erg gevoelig voor verstoring.
Paspoort
Naam: Rode wouw
Wetenschappelijke naam: Milvus milvus
Leeftijd: tot 26 jaar (in gevangenschap tot 38 jaar)
Lengte: 60 - 70 cm; spanwijdte 160 cm
Gewicht: 0,8 - 1,6 kg
Voedsel: aas, kleine zoogdieren, vogels, vissen
Verspreiding: Midden- en Zuid-Europa, Noord-Afrika