den ijzeren weg

Communities

ZeelandNet

den ijzeren weg

There is no such thing as a Part Time Obsession...

74.672 bezoekers 1 lid Log in

BERTRIX Revisited 2009


Bertrix revisited 2009

 

O P R O E P   -  G E Z O C H T

Foto's van Bertrix in het diesel (of stoom) tijdperk.

Graag contact via ronet@nospamzeelandnet.nl

(waarbij "nospam" uit het mailadres gehaald moet worden Knipoog )

Dank bij voorbaat !

 

Depot Bertrix vandaag de dag : situatieschets

“Waaróm zó’n lijn in zó’n streek ?”  Dat is de vraag die eigenlijk zou moeten rijzen bij het bekijken van gelijk welke sectie van de Athus-Meuse.  Je ziet een dubbelsporige hoofdlijn door een godverlaten streek.  Af en toe is er wel een stationnetje, maar niets dat uitrijst boven het normale dorpsgemiddelde.  Verder hebben we nog te maken met een zéér zwaar profiel van de lijn.

De 'Groote Concurrent' – lijn 161/162 van Brussel over Namen naar Luxemburg – lag er al vanaf 1858.  Aanvankelijk werd ze uitgebaat door de Grand Central Luxembourgeois, maar overgenomen door de Belgische Staat.  De Karolingische industriëlen hadden echter geen zin om zich te schikken naar de grillen van de concurrentie en wilden over eigen vervoer beschikken tussen de kolen van Charleroi en het ijzererts van Lotharingen.  Dit was het begin van de Athus-Meuse.  Tussen 1877 en 1899 (22 jaar lang !) werd een spoorlijn gebouwd die in Tamines aftakte en reed over Anhée, Dinant, Houyet, Bertrix, Virton en Athus.

Bertrix werd in 1880 vanuit het zuiden door het spoor bereikt.  Er werd gelijk naar het noorden verder gebouwd, maar aangezien dit niet opschoot (1899 weet je nog) werd in 1882 een dwarsverbinding gestoken naar Libramont.  In 1914 werd dan nog een laatste lijn geopend met Frankrijk via Orgeo en Muno (maar da's een verhaal apart, want deze lijn had immers niets te zien met de oorspronkelijke opzet.  Misschien heb ik het daar later wel eens over ?).

Hieronder enkele postkaarten van het station van Bertrix.  De stijl is de standaardstijl van de Belgische Staat (die de lijn immers uitbaatte vanaf het eerste moment) en heet ‘Etat Belge type I’. 

Het oorspronkelijke gebouw

Na uitbreiding

De perronzijde

Stelplaats Bertrix (telegrafische afkorting MBX) : 27 april 2008

Aangezien Bertrix ongeveer in de helft ligt van de Athus-Meuse, moesten de stoomlocs hier omgewisseld worden.  Reden genoeg voor een depot dus.

In 1931 werd het depot van Bertrix verplaatst : vòòrdien vond je die in het verlengde van het stationsgebouw, richting Virton; na 1931 werd een kilometer verder een veel groter depot gebouwd, maar nu aan de andere zijde van het hoofdspoor.  Om bij het depot te komen moest eerst een dubbelsporige helling afgedaald worden, om daarna terug te steken.  De draaischijf lag bovenaan de helling.

Qua bouwstijl leunt het gebouw helemaal aan bij de toen gangbare stijl : betonnen frame dat opgevuld was met bakstenen.  Typisch zijn ook de Art Déco elementen die gebruikt zijn.  Soortgelijke stelplaatsen vind je in Latour, Stockem en Ronet.

Het hoofdgebouw is in drie gedeeltes gebouwd : stelplaats, werkplaatsen en ateliers.  De stelplaats staat er nog redelijk intact; het linkergedeelte is het eerst aan zijn lot overgelaten (dus staan hier nog de schouwen en het oorspronkelijke dak op), het rechtergedeelte is aangepast aan het dieselverkeer (nieuw dak, schouwen verdwenen, goed onderhouden vloer).  De werkplaatsen zijn voor een gedeelte ingestort dus gesloopt.  Van de ateliers schiet niet veel meer over dan een bouwval.  Voorzichtigheid is hier op zijn plaats.

Bij mijn weten is Bertrix het enige depot in België dat zo goed zijn 'stoomgehalte' heeft weten te bewaren.   Dit komt niet alleen door het ontbreken van storende bebouwing rondom en door het hoofdgebouw, maar eveneens door een volledig intacte kolenbunker. 

Aan de kant van de weg naar Orgeo staat nog de dortoire : een mengeling van kantoorgebouw, leslokalen, refter, waslokaal en slaapgelegenheid voor de uitslapende bemanningen.

Op 15 oktober 2002 was het afgelopen voor de stelplaats.  Sedert de jaren vijftig was de stoom weggevallen door het vervangen van de types 25, 26 en 29 door de diesellocomotieven 202 en 203; reizigerstrafiek werd eerst verzorgd door de Brossels 551 en 553, later door de reeksen 44 en 45.  Wanneer in 2002 de diesellocs vervangen werden door de reeksen 13 was er geen sprake van dat er wasdraad gespannen werd in zo'n oude depot; toen de 44's en 45's vervangen werden door de 41 was het bekeken.  De stelplaats sloot.  

Wat nu nog rest is een leeg karkas waarin de wind vrij spel heeft, een kolenbunker die op instorten staat (opletten op het dak !), een kantoorgebouw waarin het Belgisch leger nog huis-aan-huis gevechten heeft geoefend, twee aanhangwagens 734, één motorrijtuig 43, de kast van een C10 L-rijtuig en binnenin een Canadese gesloten goederenwagon.  Ik zou eigenlijk nog moeten zeggen dat het niet is toegelaten om zich op het terrein te bevinden zónder toelating (politieverordening vanwege milieutechnische redenen).  

Voor diegenen die Bertrix in haar laatste exploitatiejaren willen zien, verwijs ik graag naar onderstaande site waarop schitterende foto's te zien zijn, genomen door Sicco Dierdorp en Davy Beumer :  http://members.lycos.nl/Treinfoto_2000/Bertrix/IMAGES1.htm

Zicht vanaf het toegangsspoor : zestien poorten.

Vanop de kolenbunker.

Rechts de 'service du cour'.

Bij de zijmuur is duidelijk het betonnen frame te zien.

Nog de oorspronkelijke houten deuren...

... die de val niet altijd even goed overleven.

De Art Déco elementen.

De tankplaats en de 4304.

De vaste stoomketel.

Van binnen naar buiten.  Links vond je de service du cour, kleedkamer, wc's, smidse, werk- en opslagplaatsen.

De kleedkamer en de koerdienst.

Na de Tweede Wereldoorlog kocht de NMBS in Canada een aantal gesloten wagons.  Op basis van het voorbeeld werden een aantal variaties nagebouwd.  Hierboven het overgebleven 'Canadeesje' dat heringericht werd als werkwagon, gefotografeerd vanuit de ruimte voor de 'electomecaniciens'. Alhoewel we in Wallonië zijn, zijn de opschriften op beide zijden in het Nederlands.

Clair-obscur.

Aan de binnenkant van iedere poort was een slagboom voorzien.  Aan de ene kant hing een stopbord (rechthoekig rood bord met witte rand dat een 'stop' beveelt), aan de andere zijde hing een tegengewicht.  Het is het enige in de gehele depot wat nog functioneel is !

Geel/zwarte schrikstrepen zijn typisch NMBS om aan te duiden dat gevaar dreigt.  Het gebruik van geel en zwart komt voort uit kleurenpsychologie : dit zou de kleurencombinatie zijn met het grootste contrast.

Autorail 4304 en aanhangwagens 734

Gebouwd in 1955 door 'Les Ateliers Métallurgiques à Nivelles' : zes stellen 602 (bedoeld voor de Brusselse luchthaven, voorzien van een grotere bagage afdeling die vier ton aankon en een zeer grote eerste klas indeling) en 30 stellen 603.  Ze waren voorzien van een Carels zescylinder-in-lijn dieselmotor van 400 pk en een hydraulische overbrenging van SEM.  De asindeling was 1A 2'.  Ze moesten de vooroorlogse Brossel dieselstellen vervangen.  In 1971 zijn ze allemaal hernummerd als reeks 43 en buiten dienst gesteld met het IC/IR plan in 1984.  Hun zusjes, de reeksen 44 (asindeling B'2') en 45 (asindeling 1A A1) hebben het uitgehouden tot de 21ste eeuw.

Optisch zijn de reeksen 43 makkelijk te onderscheiden van de reeksen 44 : hun dak is schuin aflopend en ze hebben een bufferbalk.  Bij de 44 en 45's was het dak niet schuin aflopend en de bufferbalk zat verborgen achter de carrosserie.  (Vroeger zat er een ander model rooster boven de voorruiten, maar aangezien die roosters later uitgebouwd zijn, hebben we daar nu niet veel meer aan).

Overblijvenden van de reeks : 4333 bij TSP (met stip !), 4302 bij de BVS, 4304 te Bertrix en een aantal reeksen 43 die door de NMBS zijn omgebouwd tot ES-wagen in de reeks 400 (werden gebruikt om werken aan de bovenleiding uit te voeren).

Van motorwagen 4304 was het de bedoeling dat ze in Halanzy raakte als monument.  Halanzy ligt ergens halverwege het laatste stuk van lijn 165 tussen Virton en Athus in.  Vroeger overheerste daar de Lotharingse staalindustrie; ondertussen is alles daar gemoderniseerd en is er geen plaats meer voor 4304.  Zij is nooit weggeraakt uit Bertrix, heeft jaren binnen staan rotten, en staat nu al jaren buiten.  Het minste dat gezegd kan worden, is dat het een studie in (het verbleken van) kleuren is...  Verder blijkt het idee van een monument te Halanzy nog niet losgelaten te zijn : in Stockem staat een 44 te wachten.

Zoals één van mijn maten zegt : "Vastgeroest aan de rails."

Witte opschriften op rode achtergrond

wit/zwarte sierband

Wat de aanhangwagens 734 betreft, deze sloten naadloos aan bij de bedoeling van de 43's.  Vòòr de Tweede Wereldoorlog waren de dieselwagens min of meer in staat zichzelf voort te bewegen; dit ging uiteindelijk zodanig ver dat afgezien werd van enige mogelijkheid tot koppelen.  Bij het ontwerpen van de serie 42/43/44/45 werd bespaard op het gewicht en werd afgezien van een hoge maximum snelheid, wat de trekkracht uiteindelijk ten goede kwam.  Bedoeling was om 43 + 734 + 734 + 43 als maximum treinsamenstelling mogelijk te maken. 

De aanhangwagens 734 hebben het iets langer uitgehouden dan de 43's, maar zijn uiteindelijk eind jaren '90 in onbruik geraakt. Bij mijn weten staan in Bertrix nog 734.06 en 734.07; bij de CFV3V in Mariembourg en bij Kolenspoor in As staan nog aanverwante R-rijtuigen.

Rouwkrans.

734.06

De kolenbunker

Bij mijn weten is de kolenbunker van Bertrix de laatste van België.  Hier moet toch één en ander van het hart : in (vooral) modelpublicaties wordt er altijd de aandacht gelegd op estacades en melangeurs.  Een estacade kun je omschrijven als een storttoren waar de stoomloc onderdoor reed, waarbij de zwaartekracht zijn werk deed.  Uitsluitend geschikt bij zeer grote depots, zoals Schaarbeek.  Een melangeur is een mengtoren, waarin kolen van verschillende kwaliteit gemengd worden tot een homogeen mengsel, menu geheten.  Een beetje zoals bij de traditionele whiskey.  In België waren er vier melangeurs (Merelbeke, Schaarbeek, Bressoux en Haine-St-Pierre).

Bij kleinere depots (dus ook Bertrix met zijn zestien poorten) werden stoomlocs bevoorraad door een iets minder geautomatiseerd systeem : met mankracht.  Van bovenop de opslagplaats werden de kolen in de stoomloc gegooid.  Dat daarbij wel behulp werd gemaakt van bijvoorbeeld liften, is voor het toenmalig personeel maar al te mooi meegenomen.  De gebouwen die erbij hoorden waren typisch, maar o zo weinig gedocumenteerd.   Ronet kent nog het basisgebouw, maar er is bijna niet meer te zien dat dit een kolenbunker was.  Stockem heb ik weten slopen, in alle andere depots heb ik ze nooit weten staan !  Bertrix staat er nog, en zou eigenlijk op meerdere modeldepots nagebouwd moeten worden.

Totaalzicht.  Van links te beginnen : bureau, stockage, betonnen trap die leidt naar het kolenlaadplatform, daarachter bevinden zich de kolenliften, lampisterie.

Detailzicht, eerst van het linkse, dan van het rechtse gedeelte : achter de boom zie je nog net de betonnen trap naar het laadplatform.  Binnenin zitten vier kolenliften die zorgden dat de kolen zonder veel moeite op het dak raakten.  Van daar uit werden ze in de tender gegooid.

Links het bureau, rechts het typische baksteenverband van de kolenstockage.  Uiterst links zie je nog het betonnen schuilbunkertje waarin net één man kon plaatsnemen tijdens bombardementen.  Bij mijn weten is Bertrix overgeslagen tijdens maart/april 1944.

Hoe verf kan bladderen...

Dit is wat in modelbouw 'een uitdaging' genoemd wordt.  Begin er maar aan...

De lampisterie.  Brandbare en/of ontplofbare stoffen werden ALTIJD apart bewaard !

Ook hier Art Déco elementen.

Van bovenaan de betonnen trap zie je linksachter nog net de 734.07 staan.

Bovenop het kolenlaadplatform : vier metalen luiken die op rails lopen waar de liften uitkwamen.  Van hieruit werden de kolen in de tender van de loc gegooid.

Natúúrlijk staat weer één luik open !  Verder gedijen de berken en kerstsparren hier bijzonder goed.

Achteraan is de railing nog bewaard gebleven.  Daarachter zie je het spoor zakken vanuit het station naar de cul-de-sac.

De achterzijde, gefotografeerd vanuit de toegangssporen.  Ook hier duidelijk de verluchting.

Nogmaals aanhangwagens 734

Schuin vòòr de kolenbunker staat 734.07.  Op de voorgrond zie je het uitrijspoor, dat een eind verderop doodloopt.  Daarna moet teruggestoken worden, achter de kolenbunker langs, via een dubbelsporige helling richting draaischijf en station.

Het administratief gebouw

Ook dit is typisch Belgisch.  Dezelfde bouwstijl vind je bij de nu nog bestaande (maar allang verlaten) administratieve gebouwen van Stockem, Latour en Ronet.  Het basisprincipe was altijd hetzelfde : op de gelijkvloers vond je de kantoren (waaronder planning en de depotchef), leslokalen, keuken en refter; in de kelderverdieping de wasgelegenheid (aanvankelijk wasbakken, later eveneens douches) en op de eerste verdieping vond je de slaapgelegenheid (slaapzaal met chambrettes).

Wanneer we langs de rechterzijde van de stelplaats lopen richting weg, komen we aan de ingang van het administratieve gebouw.  Het eerste gedeelte heeft (buiten de kelderverdieping) slechts een gelijkvloers, waarin de kantoren te vinden waren.  Het gedeelte dat het dichtst bij de openbare weg stond, heeft twee verdiepingen, waarbij op de gelijkvloers de keuken en de kantine te vinden waren en op de bovenste verdieping de slaapplaatsen.

Detailzichten van de zijgevel.  Duidelijk is waar de trap zat.

Dit is wat nog te zien is van de straatkant.  Onderin de douches, daarboven de kantine en helemaal bovenin de chambrettes.  Links achteraan zie je nog de ateliers opduiken.

De hoofdingang van het administratieve gebouw.  Beide zijgevels hadden in de kelder ook een ingang, zodat het niet nodig was dat (vuile) personeelsleden door het gebouw banjerden...

De centrale gang van de gelijkvloers, gezien vanuit de kantine.  Jarenlang heeft dit leeg gestaan, toen vond het Belgisch leger het nodig om binnenin 'huis-aan-huis gevechten' te oefenen, waarbij alle ingangen afgesloten waren.  Ondertussen is deze afsluiting 'verdwenen' zodat er weer volop verkend kan worden.

De traphal.

De keuken.  Op de eerste foto het luik waardoor iedereen bediend werd, op de tweede foto de plaats waar de fornuizen stonden.  Precies een perronoverkapping...

De slaapzaal helemaal bovenin tegen de straatkant.  Links de overblijfselen van de chambrettes.

De kelderverdieping.  Voorin waren er douches te vinden van redelijk recente makelij (jaren '50 schat ik) maar achterin stonden nog de ouderwetse wasbakken, waarin de mensen van het depot en de uitslapende locbemanningen zich konden verfrissen.

Voor diegene die nog op- of aanmerkingen mogen hebben, zij kunnen mij altijd mailen op ronetnospam@zeelandnet.nl waarbij de 'nospam' er natuurlijk vantussenuit gehaald moet worden.

Aanvulling december 2008

Het grootste deel van de grill is in september/oktober gedemonteerd. Of 4304, 734.06 en 734.07 er nog uit kunnen, is mij niet bekend... (TSP/PFT - Op de Baan/En Lignes 88 - december 2008)

Laatste bezoek : 7 juli 2009

Aangezien 'Op de Baan' onze nieuwsgierigheid had geprikkeld, zijn we maar eens gaan kijken.  De dubbele toegangssporen zijn vervangen door een enkel nieuw gelegd spoor waarop Infrabel zijn treinen kan uitrangeren.  Dit spoor is inderdaad niet aangesloten op de grill (die er nog steeds ligt) zodat het achtergebleven rollend materieel uitsluitend weg kan per... vrachtwagen.

Op het uiteinde is het struikgewas gekapt en ligt de voorraad keien.

Het grote verschil met april 2008 zijn de berkeboompjes.  Ondertussen meer dan manshoog waardoor het moeilijk wordt om overzichtsfoto's te nemen.  En content dat ik was dat ik vorig jaar de kolenbunker heb gefotografeerd !

Binnen is niet veel veranderd.  Niet dat we dat hadden mogen verwachten natuurlijk.  Beetje graffiti bij, paar ruiten kapot, paar poorten ingevallen...

Update april 2012

We hadden al begrepen via TSP dat vorig jaar alles wat rollend materieel betreft, gesloopt was. Daarbij zijn ze zeer grondig te werk gegaan, want zowel 4304 als 734.06 als 734.07 als de L-wagen én ons Canadeesje zijn verdwenen.

Verder is de loods in de afgelopen twee jaar heel hard achteruit gegaan. Alle poorten liggen eruit, de vaste stoomketel is verdwenen (en de muur waarlangs de ketel naar buiten is gehaald ook), bovenop de kolenbunker groeien nu óók berkeboompjes.

Ondertussen heb ik twee sites gevonden waar heel mooie foto's van Bertrix opstaan :

Railtrash anno 2009 en

Spoorbus anno 2011.

Terug naar de beginpagina

Omhoog